Category Archives: URaad

Stem Casper

(Link to the English version of this post.)

Van 15 tot 19 mei kan er gestemd worden voor de nieuwe Universiteitsraad.

Ik ben kandidaat voor een tweede termijn in de raad namens de Personeelsfractie (ik ben kandidaat #5) en hoop voldoende stemmen te krijgen om mij nog twee jaar te kunnen richten op het verbeteren van het werkklimaat aan de RUG.

In deze blog zal ik mezelf kort introduceren en – belangrijker – mijn motivatie en visie op de universiteit toelichten.

Korte biografie

Ik ben UHD Psychometrie en Statistiek aan de Faculteit Gedrags- en Maatschappijwetenschappen. Voordat ik in 2009 bij GMW kwam werken was ik onderzoeker aan de Open Universiteit in Engeland, post-doc bij het Groningen Bioinformatics Centre, promovendus bij wiskunde en student bij FEB en FSE. Ik ben nu twee jaar lid van de Universiteitsraad, daarvoor ben ik vier jaar Faculteitsraadslid geweest.

Mijn onderzoek richt zich op statistisch modelleren. Ik ontwikkel modellen voor dynamische processen in de environmentele en klinische psychology, alsmede modellen om de effectiviteit van onderwijsinterventies te modelleren.

Motivatie en visie

Twee jaar geleden schreef ik een soortgelijke blogpost. Er is sindsdien niet veel veranderd: ik vind nog steeds dat de universiteit geen bedrijf is maar een academisch instituut. Dit moet naar buiten komen in de manier waarop de universiteit geleid wordt. Het overdragen en vergaren van kennis zijn het doel.

Hieronder zal ik enkele zaken waar ik mij de afgelopen twee jaar in het bijzonder voor heb ingezet, en waar ik me voor wil blijven inzetten, toelichten.

Beleid moet gebaseerd zijn op wetenschappelijk inzicht

Er zijn veel flitsende plannen over hoe aan deze universiteit onderwijs gegeven moet worden en, in mindere mate, hoe het onderzoek vorm moet krijgen. Flipped classroom, international classrooms, 21st century skills, enz.: ideeën genoeg. Voordat zulke plannen grootschalig worden ingevoerd, dient bewezen te zijn dat deze ook daadwerkelijk de gewenste resultaten opleveren. Dit kan via een overzicht van wetenschappelijke literatuur, of via het uitvoeren van (pilot)studies. Grootschalige (onderwijs)interventies kunnen alleen op mijn steun rekenen als deze evidence based, dus gestoeld op wetenschappelijke kennis, zijn.

Ook reeds bestaand beleid dient evidence based te zijn en, wanneer dat niet het geval is, aangepast te worden. Afgelopen jaar heb ik een notitie over vakevaluaties geschreven: de correlatie tussen docentkwaliteit en score op de evaluaties is praktisch nul. Het huidige vakevaluatie-systeem is een verspilling van tijd en moeite. Er bestaan betere methoden om uit te vinden hoe studenten tegen het onderwijs aankomen.

Het mag als een open deur klinken dat aan een universiteit het beleid een wetenschappelijke onderbouwing kent, de praktijk is anders.

Diversiteit: niet alleen mooie woorden maar actie

De RUG kampt met een groot probleem op het gebied van diversiteit. Zo’n beetje alle Europese landen doen het beter dan Nederland wat betreft het aandeel vrouwelijke hoogleraren. Alle brede Nederlandse universiteiten doen het op dit gebied beter dan de RUG. Op die manier wordt waardevol talent niet benut.

Het enkel roepen dat het beter moet, het noemen van een streefgetal of het hopen op verandering is onvoldoende. Concrete maatregelen zijn nodig. Niet alleen om een meer gebalanceerde man/vrouw verhouding te krijgen, maar bijv. ook als het er om gaat dat getalenteerde onderzoekers die part-time willen werken, internationals, en alle anderen de kans krijgen het maximale uit zichzelf te halen.

Yantai: geen instemming met de huidige plannen

Dankzij de Personeelsfractie en Lijst Calimero heeft de Universiteitsraad instemmingsrecht verkregen op het uiteindelijke voorstel voor een branch campus in China.

Er zijn mogelijke voordelen aan activiteiten in Yantai maar er zijn ook veel risico’s. Risico’s voor de campus in China, maar ook risico’s voor de universiteit in Groningen en haar werknemers en studenten. De huidige plannen van het bestuur zijn nog zwaar onvoldoende. De plannen zijn te risicovol en veel belangrijke vragen blijven onbeantwoord.

Als het definitieve voorstel lijkt op de huidige plannen, zal ik er niet mee instemmen.

Verbeter de student/stafratio

De beste manier om het onderwijs en onderzoek te verbeteren ligt niet in innovatieve ideeën. Investeer in meer werknemers per student. Volgens de VSNU is de student/stafratio van 3.9 studenten per (full time) staflid in 2000 naar 5.6 in 2010 gegaan, en sindsdien nog verder gestegen. Deze ratio moet worden teruggebracht naar het niveau van rond de eeuwwisseling.

Dit levert vanzelfsprekend een flinke verbetering in de onderwijskwaliteit op. Een lagere onderwijslast per staflid is ook gunstig voor de onderzoeksoutput. De werkdruk – die het afgelopen decennium onacceptabel is gestegen – zal hier ook van verbeteren. De werkdruk voor wetenschappelijke staf kan ook verbeteren door te investeren in meer ondersteunend personeel.

Te vaal wil het College geld uitgeven aan nieuwe ‘innovatieve plannen’. Doe dat niet. Geef het uit aan de kern van de universiteit: onderwijs en onderzoek.

Een eigen werkkamer voor elke UD/UHD/hoogleraar

Er zijn veel verhuisplannen aan de RUG: de Rechtenfaculteit gaat verhuizen naar de Oude Boteringestraat, waarna het Harmoniegebouw aangepakt wordt wat Letteren zal raken. Daarnaast raakt de Faculteit Gedrags- en Maatschappijwetenschappen haar onderwijsruimtes aan de Bloemstraat kwijt: het plan van het CvB is dat deze ruimte gevonden wordt in de overige GMW-gebouwen.

De goedkoopste optie bij verhuizingen is te werken met kantoortuinen en/of personeelsleden (inclusief UDs, UHDs en hoogleraren) kamers te laten delen. Open plan kantoren zijn bewezen ongeschikt voor het bedrijven van wetenschap. Een wetenschapper moet zich kunnen concentreren om aan de grenzen van het weten te kunnen werken.  Gedeelde werkkamers en kantoortuinen klinken goedkoper, maar zullen leiden tot een lagere academische productie en minder werktevredenheid. Wetenschappelijk personeel met een vast contract (incl. tenure trackers) zouden elk een eigen werkkamer moeten hebben.

Meer weten?

Als je meer wilt weten over mijn standpunten, klop dan aan (kamer 181 van het Heymansgebouw) of stuur mij een mailtje.

Vote Casper

(Link naar de Nederlandse versie van deze post)

Between 15 and 19 May, voting for the new University Council will take place.

I’m candidate for a second term in the council on behalf of the Personnel Faction (#5) and hope to receive enough votes such that I can devote myself for a better working climate at the university.

Below, I shall introduce myself and – more importantly – my motivation to be a candidate and my vision for the university.

Short biography

I’m an associate professor at the Psychometrics & Statistics department at the Faculty of Behavioural and Social sciences and worked in this position since 2009. Before, I was research fellow at the Open University (UK), post-doc at the Groningen Bioinformatics Centre, PhD-student in Mathematical Statistics and undergraduate students at the faculties FEB and FSE. I’ve been a member of the University Council the past two years and before that I spent four years at the Faculty Council.

My research focuses on statistical modelling. Specifically, I develop models to understand dynamic processes in environmental and clinical psychology and models for assessing the effectiveness of educational interventions.

Motivation and vision

For the elections two years ago, I wrote a blog post outlining my motivation and vision. Not much has changed since then: I still believe that the university is not a business but an academic institution and this should be reflected in the way the university is governed. Rather than repeating the motivation of two years ago, I’d like to take this opportunity to highlight some of the areas which have been my key opinions in the past two years and will be again in the next two years.

Policies should be evidence based

Many buzzwords surround the developments around the way teaching is done at this university and, to a lesser extend, around research as well. Flipped classroom, international classrooms, 21st century skills, etc.: there are many new and interesting ideas. Ideas are great and academia should embrace them. However, before such plans are rolled out in a large scale, they should be tested in a small scale pilot setting and validated. Large scale innovations should only take place if they are evidence-based, i.e. have a solid scientific basis.

Similarly, standing policy that has scientifically proven to be not working, should be adapted. This year, I wrote a memorandum (in Dutch) on course evaluations: the correlation between quality of the teacher and score on the evaluation is virtually zero. The current system of evaluating courses is a waste of time and effort and better methods exist to find out how students feel about their education.

It sounds obvious that at a university policy has some scientific basis but I’ve learned that there’s still a lot to improve.

Diversity: we need action, not words

Diversity is a major problem at the RUG. Virtually all European countries do better than the Netherlands with repect to the proportion of professors that is female, and all classical Dutch universities do better than the RUG. This way, valuable talent is lost.

Simply stating the desire to improve and hoping for change is insufficient. Concrete actions are necessary. This not only involves a more balanced gender distribution but also e.g. making sure that talented researchers who wish to work part-time, internationals, and all other get the chance to maximise their potential.

Yantai: No to the current plans

Thanks to the Personnel Faction and Lijst Calimero, the University Council now has the right to consent with respect to the final proposal to start a branch campus in China.

There are potential advantages of a venture in Yantai but there are also many risks – risks for the campus in China, but also risks for the university, its staff and its students, in Groningen. The current plans by the Board are severely insufficient. In my opinion, the plans are too risky and leave too many important questions unanswered.

If the final proposal is similar to the current plans, I will not give my consent.

Improve the student/staff ratio

The best way to improve teaching and research does not lie in carrying out innovative ideas. Invest in more staff per student. According to the VSNU, the ratio has gone from 3.9 students per FTE staff member in 2000 to 5.6 students per FTE in 2010. Bring this ratio back to the level we had around 2000.

This will, obviously, be a boost the quality of teaching. A reduced workload per staff member will also be beneficial for the research output and will increase the quality of work and decrease work pressure, two things that have deteriorated in the past decade. The workload can also be reduced by increasing the support for academic staff.

Too often the Board wants to spend additional money to new, innovative ideas. Don’t. Spend it on the core of the university: teaching and research.

Staff needs private offices

There are many planned moving operations: the Faculty of Law will move to the Oude Boteringestraat, which means that the Faculty of Arts will ‘reshuffle’ in the Harmonie building, and the Faculty of Behavioural and Social Sciences will have to accomodate the loss of teaching facilities at the Bloemstraat.

The cheapest option in relocations is to work with open plan offices (‘kantoortuinen’) or having staff (including (assistant/associate) professors) share their offices. Open plan offices are proven to be inefficient for the type of work a scientist does. Scientists need to be able to concentrate to work on the limits of knowledge. Shared offices and, worse, open plan offices , sound cheaper but will lead to lower academic production and lower work satisfaction. Full-time and permanent scientific staff (including tenure trackers) should be able to get their own office.

University Council Elections: Vote Casper

(This post also appeared in Dutch)

Between 18 and 25 May, elections for the University Council of the university will take place.

I’m candidate on behalf of the Personnel Faction (List 1, #6) and hope to receive enough votes such that I can devote myself for a better working climate at the university, in the same way as I did in the past four years in the faculty council of the faculty of Behavioural and Social Sciences.

Below a slightly extended version of my motivation why I’m a candidate. In case you have any questions or comments, please leave them here, on Twitter, mail or in person.

Motivation and vision

The university is not a business, it is an academic institution. Academic thinking, not thinking in terms of profits, should therefore prevail in governance and personnel participation. A university is not a science factory where quality is measured fully through number of publications, impact factors, and – above all – whether you earn your own salary in grants. I’m convinced that governance with less focus on measurable performance indicators will lead, on average, to better research. Furthermore, it will certainly lead to a better working climate.

Academic education distinguishes itself from other types of (higher) education: not only do we expect students to gain skills and knowledge, we also expect them gain an academic attitude. For this, the university should create an atmosphere that invites students to develop themselves. Without academic freedom no academic research nor academic education. Finally, good teaching and research can only be obtained when this is coupled with good support.

The past four year I’ve been active in the Faculty Council of BSS, which I’ve chaired for two years. In that position, I’ve devoted myself to increase the work satisfaction of the personnel of the faculty. The council has written a report (79 pages) (in Dutch; link only available within BSS; in case you’re interested, drop me a mail) which was one of the reasons why the Faculty Board decided to adapt the Tenure Track-policy. Furthermore, I fight against governance based on silly numbers such as university rankings and publication indices. I support the RethinkRUG-movement.

Short Curriculum

Casper Albers is associate professor in statistics at the faculty of Behavioural and Social Sciences. He obtained degrees in econometrics and statistics and defended his PhD-thesis in mathematical statistics in 2003, all in Groningen. After a PostDoc in bioinformatics and a four-year research position at The Open University (UK), he returned to Groningen in 2009 for his current position. The past four years he was a member of the Faculty Council, which he chaired for two years. His research focusses on the development of models for longitudinal data, and the applications of these models in environmental and clinical psychology.

Universiteitsraadsverkiezingen 2015: Stem op Casper

(This post also appeared in English)

Tussen 18 mei 09:00 en 25 mei 17:00 kunnen medewerkers en studenten van de RUG stemmen voor de Universiteitsraad.

Ik ben kandidaat voor de Personeelsfractie en hoop dat komende week voldoende medewerkers op Lijst 1, Kandidaat 6 stemmen zodat ik me de komende twee jaar in kan zetten voor een beter werkklimaat aan de universiteit, net zoals ik dat de afgelopen vier jaar binnen de faculteitsraad heb gedaan voor de Faculteit GMW.

Hieronder een uitgebreide versie van de motivatie waarom ik mijzelf kandidaat gesteld heb. Mocht je vragen/opmerkingen hebben, stel ze gerust via de comments hieronder, twitter, mail of persoonlijk.

Motivatie en visie

De universiteit is geen bedrijf, maar een academische instelling. Dat roept om bestuur en medezeggenschap waar niet bedrijfsmatig denken maar academisch denken de boventoon voert. Een universiteit moet geen wetenschapsfabriek zijn waarbij kwaliteit volledig wordt afgemeten aan aantallen publicaties, impact factoren en – bovenal – of je je eigen salaris wel terugverdient aan beurzen. Ik ben ervan overtuigd dat een minder prestatiegericht beleid in de grote lijn tot betere onderzoeksresultaten zal leiden. Het zal sowieso leiden tot een beter werkklimaat.

Academisch onderwijs onderscheidt zich van ander (hoger) onderwijs doordat van de studenten verwacht wordt dat zij, naast kennis en vaardigheden vergaderen, zich ook bezig houden met intellectuele zelfontplooiing. Dit kan alleen wanneer daarvoor de juiste atmosfeer geschapen wordt. Zonder academische vrijheid geen academisch onderzoek noch academisch onderwijs. Goed onderzoek en onderwijs kan, tenslotte, alleen plaatsvinden wanneer deze processes goed gestroomlijnd ondersteund worden.

De afgelopen vier jaar ben ik actief geweest binnen de Faculteitsraad GMW, waarvan twee jaar als voorzitter. Vanuit die functie heb ik me uitvoerig ingezet voor de werktevredenheid van de medewerkers. Dit heeft geleid tot een onderzoeksrapport van 79 pagina’s (link alleen beschikbaar voor GMW-medewerkers. Andere geïnteresseerden kunnen me mailen voor een kopie). Conclusies van ons onderzoek waren onder andere dat het wetenschappelijk personeel bij GMW gemiddeld zo’n 6,8 uur per week overwerkt en dat de baanonzekerheid ten gevolge van o.a. willekeur bij het toekennen van externe financiëring als frustrerend werd ervaren. Dit rapport was mede aanleiding voor het Faculteitsbestuur om de Tenure Track-notitie te herzien. Rond deze herziening is het ons gelukt om het FB ervan te overtuigen dat een tijdelijk contract van vier jaar (i.p.v. zes) voldoende is om in te schatten of een medewerker goed genoeg is voor een vast contract, alsmede dat een aanstelling op het niveau van Universitair Docent voldoende kan zijn voor een vast contract. Helaas wou het College van Bestuur op dit moment deze wijzigingen nog niet honoreren.

Wie beter onderwijs wil, moet er meer geld voor overhebben.
Wie beter onderwijs wil, moet er meer geld voor overhebben. – Ingezonden brief, De Volkskrant, 9 augustus 2014

Een ander punt waar ik me de afgelopen jaren druk over heb gemaakt is de waanzin rond beleidsafstemming rond rankings (zowel universitaire rankings, als persoonlijke rankings zoals de H-index).

Er waait inmiddels een andere wind in academisch Nederland. Na de Maagdenhuisbezetting, is nu ook in Groningen RethinkRUG actief – de open brief heb ik vanzelfsprekend ook getekend. Op facultair niveau zijn er dus al wijzigingen zichtbaar, op universitair niveau gaat dit trager – om over de snelheid in Den Haag nog maar te zwijgen. Hopelijk kan ik in 2015-2017 meehelpen die wind de juiste kant – meer academische vrijheid voor medewerkers én studenten – op te laten waaien.

Waarom ik voor De Personeelsfractie gekozen heb

Zoals bekend, doen er twee personeelspartijen mee aan de verkiezingen: “De Personeelsfractie” en “De Personeelsfractie voor de Wetenschap”.  Inhoudelijk zijn er weinig verschillen tussen beide partijen. De PvdW heeft overal posters hangen met leuzen als “Minder werkdruk”, “Minder bureaucratie” en “Meer werkzekerheid”.  Dat zijn nobele doelen en ik hoop van harte dat deze partij met de zetels die de kiezer haar zal geven zal strijden op deze doelen tot stand te laten komen. Het zijn echter geen doelen die exclusief de PvdW toebehoren; beide fracties pleiten hier voor. Er waren de afgelopen twee jaar wel enkele subtiele verschillen tussen de partijen (zie het verkiezingsdebat tussen Bart Beijer en Mathieu Paapst), maar beide partijen komen op voor het personeel.

Voor mij was de hoofdreden om voor De Personeelsfractie te kiezen dat deze fractie de hele universiteit vertegenwoordigt. De PvdW heeft drie kandidaten, twee hoogleraren en een UD) uit twee faculteiten. De Personeelsfractie heeft veertien kandidaten.  Deze kandidaten komen van zes verschillende faculteiten en bestaan uit promovendi, U(H)D, hoogleraren én ondersteunend personeel. Door deze universiteitsbrede basis, is De Personeelsfractie in staat om daadwerkelijk namens het gehele personeel te spreken.

Beknopt cv

Casper Albers is UHD statistiek bij de faculteit Gedrags- en Maatschappijwetenschappen. In Groningen heeft hij achtereenvolgens een propedeuse econometrie (1995) en doctoraal statistiek (1998) behaald waarna hij in 2003 in de wiskundige statistiek promoveerde. Na een PostDoc-positie in bioinformatica en vier jaar onderzoek bij de Open University in Engeland is Casper in 2009 bij GMW terecht gekomen. De afgelopen vier jaar zat hij in de Faculteitsraad, waarvan twee jaar als voorzitter. Caspers onderzoek richt zich op de ontwikkeling van modellen voor longitudinale data en de toepassing hiervan in milieu- en klinische psychologie. Meer informatie is op mijn homepage te vinden.